Een nieuwe nanotherapie-aanpak laat onverwachte voordelen zien bij de behandeling van botkanker: het doet niet alleen de tumoren krimpen, maar het lijkt ook de bijbehorende pijn aanzienlijk te verminderen door de communicatie tussen kankercellen en het zenuwstelsel te verstoren. De bevindingen suggereren een mogelijke verschuiving naar therapieën die zowel de overleving * als * de kwaliteit van leven verbeteren voor patiënten met gemetastaseerde botkanker.
Het probleem met bestaande behandelingen
Tussen 65% en 80% van de mensen met gevorderde borst- of prostaatkanker krijgt botmetastasen, waarbij de ziekte zich verspreidt naar het skelet. Standaardbehandelingen zoals radiotherapie en chemotherapie kunnen de tumorgrootte verkleinen, maar slagen er vaak niet in de pijn te elimineren omdat de resterende kankercellen nabijgelegen pijnreceptoren blijven activeren. Bovendien veroorzaken deze conventionele methoden vaak bijkomende schade aan gezond weefsel, wat leidt tot langdurig opioïdengebruik en het risico op verslaving. Dit creëert een cruciale behoefte aan meer gerichte en effectieve oplossingen.
Een nieuwe aanpak: nanotherapie met Gasdermin B
Onderzoekers van de Zhejiang Universiteit in China hebben een ‘nanotherapie’ ontwikkeld waarbij gebruik wordt gemaakt van microscopisch kleine, vettige capsules die DNA bevatten dat codeert voor het eiwit gasdermin B. Dit eiwit induceert celdood door poriën in celmembranen te creëren, waardoor tumorcellen effectief van binnenuit worden vernietigd. De capsules zijn ontworpen om zich selectief te richten op kankercellen, die hogere niveaus van reactieve zuurstofsoorten vertonen, waardoor een minimale impact op gezond weefsel wordt gegarandeerd. De nanotherapie omvat ook OPSA, een chemische verbinding die de natuurlijke immuunrespons tegen kanker van het lichaam versterkt.
Dramatische resultaten in muismodellen
In experimenten met muizen met geïnduceerde bottumoren bij borstkanker verminderde de volledige nanotherapie (die zowel gasdermin B als OPSA bevatte) de tumorgrootte met gemiddeld 94% vergeleken met een controlegroep. Na twee weken leefden alle muizen die met de volledige nanotherapie waren behandeld nog steeds, terwijl slechts 60% van degenen die alleen OPSA kregen en 20% van de controlegroep overleefden. Belangrijk is dat de therapie ook een robuuste antitumorale immuunrespons opwekte.
Pijnvermindering en zenuwdichtheid
Onderzoekers merkten op dat muizen die met de nanotherapie werden behandeld een significant verhoogd gebruik van hun aangedane ledematen vertoonden in vergelijking met controles, wat een vermindering van de pijn suggereert. Analyse van tumormonsters bracht een verrassend effect aan het licht: beide nanotherapiebehandelingen verlaagden de dichtheid van zenuwcellen in de kankergezwellen. Het mechanisme lijkt gepaard te gaan met een verhoogde calciumopname door kankercellen, waardoor nabijgelegen neuronen effectief worden beroofd van dit essentiële element dat nodig is voor pijnsignalering.
De wisselwerking tussen zenuwen en tumoren
De studie bracht ook een eerder onderschat verband aan het licht: zenuwen rond de tumor bevorderen actief de groei ervan. Dit suggereert dat het verstoren van de zenuwactiviteit niet alleen de pijn verlicht, maar ook de progressie van kanker vertraagt. Hoewel de omvang van dit effect onduidelijk blijft, benadrukken de bevindingen de complexe relatie tussen het zenuwstelsel en de ontwikkeling van kanker.
Wat dit betekent
Dit onderzoek versterkt de groeiende erkenning dat het richten op het zenuwstelsel een revolutie teweeg kan brengen in de behandeling van kanker. Het vertalen van deze resultaten van muizen naar mensen zal echter een uitdaging zijn, gezien de verschillen in immuunrespons en andere biologische factoren. Proeven op mensen zullen naar verwachting binnen 5 tot 10 jaar beginnen. Het potentieel om tegelijkertijd de mortaliteit en de kwaliteit van leven bij botkankerpatiënten aan te pakken, betekent een belangrijke stap voorwaarts in de oncologische zorg.
